The sound of Rubens deel 6: Poëzie

De tentoonstelling Sensatie en Sensualiteit deelt de artistieke erfenis van Peter Paul Rubens op in zes thema’s: geweld, macht, lust, compassie, elegantie en poëzie. Curator Nico Van Hout ging voor elk van die thema’s op zoek naar verbanden tussen werk van Rubens en de vele kunstenaars die na hem kwamen.

In de aanloop naar de tentoonstelling maakte hij bovendien een selectie van muziek en filmpjes die aansluiten bij de verschillende hoofdstukken die in de expo aan bod komen. Op de museumblog stelt hij ze met plezier aan je voor.

In het laatste hoofdstuk Poëzie plaatst hij De Liefdestuin van Rubens naast Tous les garçons et les filles van Françoise Hardy en De Andriërs – ook van Rubens –  naast Concert champêtre van Francis Poulenc. De voerlui past volgens Van Hout dan weer perfect bij Serenade for tenor, horn and Strings, Pastoral & Nocturne van Benjamin Britten. En L’île inconnue van Hector Berlioz klinkt heel mooi naast Een pleziervaart van Jacob Jordaens. Afsluiten doet Van Hout met De visvangst van Edouard Manet dat mooi bij Gabriel Fauré’s Pavane past.


#TheSoundOfRubens

De voorbije weken maakten we op Spotify een afspeellijst met muziek die aan de verschillende thema’s en kunstwerken in de expo gekoppeld kan worden.


Jongbloed! in Bozar

Op 18 december zetten tal van Brusselse musea hun deuren ’s avonds open. Ook Jongbloed! trekt naar de hoofdstad om je een nieuwe kijk op de tentoonstelling Sensatie en Sensualiteit. Rubens en zijn erfenis te geven. De Jongbloed!-ers willen je blik op Peter Paul Rubens en zijn volgelingen op een frisse manier veranderen. Ze gaan daarbij volop voor de confrontatie met hedendaagse beeldcultuur.

 

Mijn verhaal in Kunst in de Groote Oorlog, deel 5: beeldgedicht bij De bolspelers

In de Koningin Fabiolazaal kan je dit najaar De Modernen. Kunst in de Groote Oorlog bezoeken. Met die expo tonen het KMSKA, de Provincie Antwerpen, het Letterenhuis Antwerpen en het Provinciaal Museum Emile Verhaeren hoe de schok van WOI voelbaar is in de kunst en de literatuur uit die periode. 

In deze tentoonstelling speelt het (persoonlijke) verhaal van de schilder of schrijver een grote rol. Dit leek een perfecte aanleiding om eens te polsen bij onze bezoekers hoe zij de tentoonstelling beleven. Het project Mijn verhaal was geboren. Afgelopen weken verschenen al een paar prachtige bijdragen van cursisten NT2 (Nederlands als 2de taal). Deze week geven we het woord aan een lesgever NT2.

Rainer Federico Klaus, geboren in Berlijn uit een Spaanse moeder en een Duitse vader, leerde Nederlands door naar Sesamstraat te kijken. Leest graag Paul Van Ostaijen en Peter Holvoet-Hanssen, maar begrijpt er eigenlijk niets van. Woont sinds 5 jaar in Antwerpen en heeft een job als leraar NT2 gekregen door zich voor te doen als: Joeri Claes, geboren in Reet uit oervlaamse en -christelijke ouders. Studeerde onder meer literatuur en internationale betrekkingen, naar eigen zeggen met succes. Probeerde het al als rockster, dichter, vertaler en vuilnisman, doch zonder veel zielen te beroeren.

Ramah, De bolspelers, 1885

Ramah, De bolspelers, 1885

Alsof Paul van Ostaijen zelf aan het werk is zet Rainer/Joeri alles wat hij waarneemt in het schilderij De Bolspelers van Ramah om in een overtuigend beeldgedicht.

Beeldgedicht bij De bolspelers

Lezen for life

De radionieuwsdienst van de VRT steunt Music for Life en trekt door het land om voor te lezen. Op zondag 21 december huren we Hilde Mertens (Radio 2) in. Zij zal om 15 uur de persoonlijke verhalen voorlezen die de cursisten NT2 bij de tentoonstelling maakten. Met het ingezamelde geld wil de radionieuwsdienst Luisterpunt ondersteunen. Dat is een vzw die boeken omzet voor mensen met een leesbeperking. Tijdens het voorleesmoment kan je de expo Kunst in de Groote Oorlog gratis bezoeken.

 

Henri Victor Gabriel Le Fauconnier beïnvloedt de Belgische kunst, via Nederland

In de Koningin Fabiolazaal kan je dit najaar De Modernen. Kunst in de Groote Oorlog bezoeken. Met die expo tonen het KMSKA, De Provincie Antwerpen, het Letterenhuis en het Provinciaal Museum Emile Verhaeren hoe de schok van WOI voelbaar is in de kunst en de literatuur uit die periode. Medewerkers van de verschillende instellingen lichten op deze blog geregeld een aspect van de tentoonstelling uit. KMSKA-curator Nanny Schrijver blogt over hoe Belgische kunstenaars in Nederland het kubisme ontdekten.

Bij onze noorderburen was Conrad Kickert een van de belangrijkste pleitbezorgers van de moderne Franse kunstenaars. Hij werd geboren in Den Haag in 1882 maar trok naar Parijs om er op Montparnasse te gaan wonen. Kickert was mecenas, kunstcriticus en kunsttheoreticus. Hij schilderde zelf ook. Op zijn initiatief richtten een aantal kunstenaars in Nederland in 1910 de Moderne Kunstkring op. Een eerste tentoonstelling – in het Stedelijk Museum in Amsterdam – liep van 6 oktober tot 5 november 1911. Er kwamen 6.000 bezoekers, een enorm aantal voor die tijd. 166 werken werden getoond, waaronder 28 van Paul Cézanne, 19 van Auguste Herbin, 7 van Pablo Picasso en 6 van Georges Braque. Ook van Kees van Dongen en Piet Mondriaan waren er schilderijen te zien. Die laatste ging overigens op aandringen van Kickert naar Parijs waar hij het symbolisme/ fauvisme verliet en een kubistische richting insloeg. Kickert zelf verdedigde een meer gematigd – of zoals hij het zelf noemde – latent kubisme

In juni 1914 was Kickert op weg naar Frankrijk, maar de oorlogsdreiging hield hem tegen. Hij stopte in het stadje Veere in Zeeland waar hij een woning van een verlaten scheepswerf huurde. Er was plaats genoeg en dus nodigde hij Henri Le Fauconnier uit om naar hem toe te komen. Die laatste arriveerde in juli en zou gedurende heel de oorlog in Nederland verblijven.

Henri Victor Gabriel Le Fauconnier, Stilleven met buste, KMSKA

Henri Victor Gabriel Le Fauconnier, Stilleven met buste, KMSKA

Le Fauconnier is een mooi voorbeeld van het soort kubisme waar Kickert voor stond: toegankelijk, zonder extremen, zacht, met voldoende aansluiting met de traditie en het metier van het schilderen. In een bespreking van een tentoonstelling in de Rotterdamse kunstkring in 1915 werd hij geprezen:

Een werkelijke schilder… één die de penseelstreek en kleur bemint. Hij herinnert mij aan Cézanne … een overwegende geest die het vlak van zijn doeken indeelt naar de lijnen van zijn overpeinzing… en de ruimten vult met zijn harmonieuze en ingetogen kleuren…Le Fauconnier heeft niet de groots aangelegde geesteskracht van de rauwkleurige en bijna fanatische Picasso. Hij gelijkt ook niet op Kandinsky die in zijn kleur de onmiddellijke bezieling van de verborgen droom uitstort. Hij heeft ook niets van de harde strengheid waarmee Van Gogh in zijn latere werken de worstelingen van zijn gemoed en geest in lijn en kleur bande.”

Invloed op de Belgen

Dat Henri Le Fauconnier veel invloed had op de Belgische kunstenaars Gustave De Smet en Frits Van den Berghe hoeft niet te verwonderen. Deze schilders uit Sint-Martens-Latem waren opgegroeid met het postimpressionisme of, beter gezegd, met de Belgische variant: het luminisme. Maar voor hen was het niet meer genoeg om de werkelijkheid op een neutrale manier te registreren. Deze generatie wou meer inhoud, wou dieper gaan en de werkelijkheid ontleden, desnoods vervormen en vereenvoudigen om iets uit drukken. Ook over zichzelf. Ze gaat echter niet zo ver als sommige kunstenaars die uiteindelijk naar abstractie evolueren. Ze blijft houvast zoeken in de realiteit, net als Le Fauconnier. Ook Nederlanders als Jan Sluijters en Leo Gestel volgden diens gematigd of latent kubisme.

Tijdens de oorlogsjaren was het André de Ridder die de Belgische schilders in Nederland steunde en promootte. De Ridder was een econoom en essayist, aanvankelijk vooral actief in de literaire wereld. In Nederland kwam hij in contact met kunstenaars. Gaandeweg zou hij meer en meer publiceren over eigentijdse kunst.

In 1920 schreef Paul Kenis in Den Gulden Winckel over de Ridder:

Noteren we dat de Ridder altijd veel voor de schilderkunst gevoeld, ze van dichtbij heeft bestudeerd en er veel over heeft geschreven. Hij is één van de warmste verdedigers van de moderne school en zijn studies over zekere kubistische en expressionistische schilders – zijn fransch boekje over Le Fauconnier vooral – één der weinigen die kijk heeft op de moderne kunst en die ook bij machte is het te formuleren. “

De Ridder zou in Amsterdam – waar hij vanuit Antwerpen naartoe gevlucht was – publiceren, fondsen verwerven en tentoonstellingen inrichten. Hij had daarbij de hulp van een oude vriend die in België is gebleven: Paul-Gustave Van Hecke. Na de oorlog zullen ze samen blijven werken met deze kunstenaars. In 1920 stichtten ze Sélection, een tijdschrift en later ook een galerie in Brussel waar ze hun werk bespraken, toonden en verkochten.

Nanny SCHRIJVERS

RONDLEIDING VOOR INDIVIDUELE BEZOEKERS

OP ZONDAG 14 december KAN JE AANSLUITEN BIJ DE INSTAPRONDLEIDING VOOR INDIVIDUELE BEZOEKERS IN DE EXPO KUNST IN DE GROOTE OORLOG. DE RONDLEIDING START OM 14.30 EN DUURT 90 MINUTEN. DE KOSTPRIJS BEDRAAGT €3,50 + TOEGANGSTICKET. ER KUNNEN MAXIMAAL 20 PERSONEN DEELNEMEN. INSCHRIJVEN IS NIET NODIG.

 

Mijn verhaal in Kunst in de Groote Oorlog, deel 4: De hemel op de puinen

In de Koningin Fabiolazaal kan je dit najaar De Modernen. Kunst in de Groote Oorlog bezoeken. Met die expo tonen het KMSKA, de Provincie Antwerpen, het Letterenhuis Antwerpen en het Provinciaal Museum Emile Verhaeren hoe de schok van WOI voelbaar is in de kunst en de literatuur uit die periode. 

In deze tentoonstelling speelt het (persoonlijke) verhaal van de schilder of schrijver een grote rol. Dit leek een perfecte aanleiding om eens te polsen bij onze bezoekers hoe zij de tentoonstelling beleven. Het project Mijn verhaal was geboren. We posten deze maand enkele verhalen van cursisten NT2 (Nederlands als 2de taal).

Geïnspireerd door de zachte kleuren van De hemel op de puinen beschrijft de Spaanse Maria Teresa Meco haar ervaring bij het schilderij van Jakob Smits.

Jakob Smits, De hemel op de puinen, KMSKA

Jakob Smits, De hemel op de puinen, KMSKA

Ik ben Maria Teresa Meco en ik kom uit Spanje. Ik ben huisvrouw en mama van 2 kinderen. Ik hou veel van lezen, wandelen, fietsen, fotografie en vrienden ontmoeten. Ik ben heel blij dat ik in deze stad woon en ik voel me al een beetje Antwerpenaar.

In de vroege ochtend, na een dramatische nacht van vernietiging, neemt een witachtig grijze lucht alles in haar macht. Je kan de leegte voelen, de eenzaamheid, kwetsbaarheid, koude en dood.

Dan zie je dat een timide blauw licht vanuit de hemel verschijnt.

Maar als je je ogen naar boven richt, dan zie je dat een timide blauw licht vanuit de hemel verschijnt, en dat groeit tot een sterk gevoel: hoop!

RONDLEIDING VOOR INDIVIDUELE BEZOEKERS

OP ZONDAG 14 DECEMBER KAN JE AANSLUITEN BIJ DE INSTAPRONDLEIDING VOOR INDIVIDUELE BEZOEKERS IN DE EXPO KUNST IN DE GROOTE OORLOG. DE RONDLEIDING START OM 14.30 EN DUURT 90 MINUTEN. DE KOSTPRIJS BEDRAAGT €3,50 + TOEGANGSTICKET. ER KUNNEN MAXIMAAL 20 PERSONEN DEELNEMEN. INSCHRIJVEN IS NIET NODIG.

 

BOEM Paukeslag

Het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen laat mensen die weinig of geen visuele prikkels kunnen waarnemen, toch genieten van kunst. Zo organiseert het museum al bijna 7 jaar rondleidingen voor blinden en slechtzienden. Tijdens die rondleidingen beschrijft de gids de kunstwerken volgens de richtlijnen van Art Education for the Blind. Bart Van Peer is poëzieliefhebber, telefonist in het KMSKA en blind. Hij nam deel aan de rondleiding in de expo De Modernen. Kunst in de Groote Oorlog en zorgde daarbij voor een boeiend intermezzo.

Rondleiding blinden en slechtzienden in Kunst in de Groote Oorlog

Rondleiding blinden en slechtzienden in Kunst in de Groote Oorlog

Samen met collega Sanne Van de Werf trok ik op de laatste woensdag van november, een druilerige dag met grijze oogjes, naar de Koningin Fabiolazaal. Maar eerst passeerden we langs het station, waar we Dirk –  één van de deelnemers aan de rondleiding – ophaalden. Hij was speciaal op eigen krachten met de trein van Brugge naar Antwerpen gekomen voor een bezoek aan Kunst in de Groote Oorlog. Zelf organiseer ik rondleidingen voor slechtziende vrienden en kennissen in andere musea. Omdat ik blind ben en als telefonist in het museum werk, word ik geregeld om advies gevraagd. Een waardige aanvulling op mijn takenpakket. Eerder dit jaar volgde ik een basiscursus Ervaringsdeskundige bij VIVOR (de educatieve cel van blindenzorg Licht en Liefde). Die stelt mij in staat workshops te geven over visuele handicap en meer te vertellen dan mijn levensverhaal en ervaringen als slechtziende in het gewoon onderwijs en in de maatschappij, etc.

Terug naar de expo waar museumgids Christien Deblaere ons opwachtte. Het was haar eerste rondleiding voor blinden en slechtzienden. Ze vertelde dat ze dan ook een beetje zenuwachtig was, maar daar viel niets van te merken. Ze had zich uitstekend voorbereid en iedereen luisterde geboeid. Tijdens een rondleiding voor blinden en slechtzienden staat de gids stil bij een viertal werken die zich uitstekend lenen tot verbale beschrijving. Persoonlijk heb ik niet altijd nood aan zo’n gedetailleerde beschrijving van een kunstwerk en ontdek ik liever meer over de biografie van een kunstenaar of de symboliek van een werk. Maar elke blinde of slechtziende ervaart de beleving van beeldende kunst natuurlijk op zijn manier. Dirk was bijvoorbeeld zodanig onder de indruk dat hij na afloop samen met Sanne de ganse tentoonstelling bezocht.

Interactief

Aangezien ook Paul Van Ostaijen aan bod komt in de expo en ik geregeld mijn eigen en andermans poëzie voordraag, kwam ik tijdens een voorafgaande bespreking op het idee om van Ostaijens gedicht BOEM Paukeslag te declameren. Dat werd door de museumcollega’s met plezier en belangstelling onthaald.


In de namiddag volgde er een tweede rondleiding. De deelnemers zijn als het ware kind aan huis in het museum. Ze stelden heel wat vragen aan museumgids Ann Van Tuerenhout waardoor de rondleiding bijzonder interactief werd. Sommigen onder hen zijn op latere leeftijd blind geworden en putten wat betreft visuele prikkels uit herinneringen van toen ze nog konden zien. Ook de blindengeleide honden luisterden geboeid.

Weer liet ik BOEM Paukeslag op het publiek los. De deelnemers waren zo onder de indruk dat ze vroegen om het nog eens over te doen.

Rondleiding voor blinden en slechtzienden in De Modernen. Tour de France

De volgende rondleidingen voor blinden en slechtzienden gaan door op woensdag 25 maart om 10.30 of om 15.00 in de tentoonstelling De Modernen. Tour de France in de Koningin Fabiolazaal. Voor meer informatie of om je in te schrijven voor één van deze rondleidingen kan je bij Bart terecht via bart.vanpeer@kmska.be

 

Nieuwe museummaquette

Begin deze week ging fase 2 van het masterplan van het KMSKA van start. Net op dat moment presenteerde het ontwerpbureau KAAN Architecten de KMSKA-medewerkers een nieuwe maquette van het museum. Dit keer alleen van het ‘verticale’ museum, dus het stuk dat opgebouwd wordt in de vier patio’s van het 19de-eeuwse gebouw.

De maquette is correcter en gedetailleerder dan alle vorige. Voor het eerst kun je de omvang van de verbouwing voelen, zeker omdat het model schaalpoppetjes van bezoekers bevat. Er komen toch een aantal heel grote zalen bij. In totaal zijn er zo’n 15 nieuwe zalen, hoge en lage, grote en kleine, lichte en donkere. Geen twee zalen zijn precies hetzelfde. Dat is een bewuste keuze van de architecten, ingegeven door het originele zaalplan van het 19de-eeuwse museumgebouw waar uiteraard wel heel wat zalen hetzelfde zijn. De architecten – en wij- dachten dat de bezoeker enige variatie in zalen van het nieuwe museum wel zou appreciëren. In ieder geval zal het nieuwe museum ‘anders’ aanvoelen, en krijgen de KMSKA-curatoren in de toekomst veel meer mogelijkheden voor het uitwerken van de tentoonstellingen. De maquette is een werkmodel van KAAN Architecten, maar reist hopelijk in de toekomst nog eens naar Antwerpen zodat we ze ook aan u kunnen voorstellen.

Toch een gevelrenovatie- en restauratie

Wie de museumwerf deze zomer bezocht, kon zien dat er veel werk aan de gevel is.

Wie de museumwerf deze zomer bezocht, kon zien dat er veel werk aan de gevel is.

Meer goed nieuws over het gebouw: de gevelrenovatie en –restauratie, door budgettaire beperkingen geschrapt uit het herwerkte masterplan van Claus en Kaan Architecten, kan toch plaats vinden. Vlaams minister van cultuur Sven Gatz maakt hiervoor geld vrij. In totaal zal de minister 42 miljoen euro investeren in diverse cultuurgebouwen. Die investering komt uit het Financieringsfonds voor schuldafbouw en eenmalige investeringsuitgaven (FFEU). Dat is het fonds waarin de Vlaamse overheid de overschotten recupereert tussen de uitgaven die in de begroting zijn geraamd en de werkelijke uitgaven. Na afspraken binnen de Vlaamse regering worden deze bedragen opnieuw vrijgemaakt voor investeringen. Met de 42 miljoen euro uit het FFEU worden vijf eenmalige projecten ondersteund. Bij ons is dat de renovatie en restauratie van de gevel van het museum, eigenlijk fase 3 van het originele masterplan. Bij het Museum van Gaasbeek wordt verder gewerkt aan een masterplan om het toegankelijker te maken. Kunsthuis krijgt voor zijn Antwerpse operazaal een dotatie om de verdere werking te verzekeren, voor het Gentse operahuis komt er een voorstudie voor de Rotonde en de Redoutezaal. Tenslotte wordt de theatertoren van De Singel gemoderniseerd.

Mijn verhaal in Kunst in de Groote Oorlog, deel 3: Paul Van Ostaijen

In de Koningin Fabiolazaal kan je dit najaar De Modernen. Kunst in de Groote Oorlog bezoeken. Met die expo tonen het KMSKA, de Provincie Antwerpen, het Letterenhuis Antwerpen en het Provinciaal Museum Emile Verhaeren hoe de schok van WOI voelbaar is in de kunst en de literatuur uit die periode. 

In deze tentoonstelling speelt het (persoonlijke) verhaal van de schilder of schrijver een grote rol. Dit leek een perfecte aanleiding om eens te polsen bij onze bezoekers hoe zij de tentoonstelling beleven. Het project Mijn verhaal was geboren. We posten deze maand enkele verhalen van cursisten NT2 (Nederlands als 2de taal).

Voor het derde verhaal op deze blog liet Magdalena uit Polen zich inspireren door het portret dat Floris Jespers van Paul van Ostaijen maakte. Ze beeldt zich in wat er in het hoofd van van Ostaijen omgaat terwijl hij in de wachtkamer van zijn uitgever zit.

Floris Jespers , Portret van Paul van Ostaijen, Collectie Letterenhuis

Floris Jespers , Portret van Paul van Ostaijen, Collectie Letterenhuis

Ik ben Magdalena en ik kom uit Polen. Ik ben 28 en ik woon 2,5 jaar in België. Ik ben  socioloog en ik werk met migranten. In mijn vrije tijd reis en fiets ik graag. Ik bezoek ook graag verschillende steden in België.

 Voor de ontmoeting met de uitgever

“Opwinding, nieuwsgierigheid, maar ook rust. Ik weet niet of de uitgever mijn gedichten goed zal vinden, maar ik zal er niet van wijken, ook als niemand er iets van begrijpt. Dichtkunst is een spel van woorden dat me zoveel vreugde en motivatie geeft.

“Gedachten en woorden zullen zelf naar me komen”

Ik ben aan het denken waarover mijn volgende dichtkunst zal gaan. Het zal een groteske bundel zijn die het leven van de elite in Brussel beschrijft. Grappige en leuke dialogen zullen het zijn, maar met een serieuze moraal. Gedachten en woorden zullen zelf naar me komen. Ik moet ze snel opschrijven. Er is geen tijd om te verliezen…”